• Een winter in de Canadese olievelden

    3 oktober 2018

    Om de bijbehorende schilderijen te bekijken, ga naar: up north.

    Fort St. John

    Vies, lelijk en koud. Dat is mijn eerste indruk wanneer we de industriestad binnenrijden na een 2-daagse tocht door de bergen. Sneeuw tot je knieen op de stoepen, voor zover die aanwezig zijn, en bruine smurrie op de straten. Je hebt winterbanden nodig om er doorheen te komen. Die hebben we dan ook: dikke profielen en pluggen, die je houvast op de ijzige ondergrond geven. 
    De straten lopen hier van noord naar zuid en ze hebben nummers, of van oost naar west, ook met nummers, en dan heten ze avenues. Onmogelijk om te verdwalen dus, althans wanneer je kunt tellen. 
    De gebouwen zijn even vierkant als de stratenblokken: ze hebben meestal het uiterlijk van een golfkartonnen doos. Kleine winkeltjes zijn er niet, uitsluitend overdekte malls met WalMarts en DollarStores. Je kunt er alles krijgen, maar je zoekt tevergeefs naar iets elegants of verrassends. Ook de meeste mensen zijn vierkant. Ruig, lelijk en minstens 300 pond.
    De dame voor wie wij gaan werken is ook omvangrijk. Haar jongste dochter nog omvangrijker. Ellen is haar bedrijf uit nood begonnen. Een echtgenoot die haar sloeg dreef haar op haar 50ste het huis uit. Vanaf dat moment moest ze haar eigen geld verdienen. Een self made dame die nu 10 eerste hulp trucks bezit die ze verhuurt aan oliemaatschappijen.

    Het eerste wat mij te doen staat is het volgen van H2S cursus: waterstofsulfide, een van de gemeenste gifgassen die je op de olievelden tegenkomt. Je moet dus leren hoe je met een zuurstofmasker en fles omgaat voordat je een olieveld betreed. Zonder diploma geen toegang, ook niet voor de kok of de band-aid. (letterlijk vertaald: de pleister). We proberen het om de beurt in het klaslokaal: luchtdruk in de fles testen, masker op, harnas met zuurstoffles op je rug, en dan de luchtstroom op gang brengen. Als je niet duizelig wordt na een paar diepe ademtochten is alles OK. Je krijgt je diploma en je bent klaar voor de tocht naar de wildernis.
    Dat is overigens waar de meeste ongelukken gebeuren: op de weg naar de olievelden, de Alaska Highway. Velen drinken zich suf op weg naar huis na een periode van weken of maanden in sobere isolatie. Hun bankrekening is weer vol, dus het kan weer even lijden: hotels, strippers, hard liquor en drugs zijn de grootste kostenpost van de gemiddelde roughneck. 

    Een toekomstige collega die net terugkomt uit de olievelden staat het huilen nader dan het lachen. De crew op de boortoren heeft haar behandeld als een melaatse gedurende haar verblijf, en toen ze op de terugweg een lekke band kreeg met haar voertuig, stopte er geen een om haar te helpen de band onder de truck te verwisselen. Het kostte haar 21/2...

    Lees meer >> | 116 keer bekeken

  • Squirly

    6 maart 2016

     

    Een van de bewoners van het kleine eiland in de Grote Oceaan is de rode eekhoorn (American red squirrel, Tamiasciurus Hudsonicus). De populatie varieert van een stuk of twee, drie in de winter tot een dozijn in de zomer.

    In tegenstelling tot zijn Europese neefje (rode eekhoorn, Sciurus Vulgaris) is de amerikaanse rode eekhoorn geen bedreigde diersoort, en op ons eiland heeft hij het rijk helemaal alleen: er is geen concurrentie van de (grotere) grijze eekhoorn. Raven en nertsen zijn de enige bedreigingen.

    Er is een overvloed aan nootjes en zaadjes die uit de bomen vallen en er zijn twee mensen die op de paden heen en weer wandelen en pinda's uitdelen. De eekhoorn hoeft de mensen alleen maar voor de voeten te springen, en de nootjes vallen uit broek- en jaszakken.

    Soms gaat het fout: een eekhoorn sprong laatst onder de voeten in plaats van ervoor, met een snelle dood als gevolg. Zijn staart is nu een paar oorbellen (zie onder 'junk jewels': squirrel tail) en de rest van zijn vacht is een avondtasje (squirrel bag).

    n.b. Bekijk squirly voor zijn ongelukkige dood hier.

     

     

     

     

    Lees meer >> | 301 keer bekeken

  • Ruilhandel met de raven

    9 december 2013

    In de wildernis is het geven en nemen.

    Wij geven de twee raven in wier territorium wij bivakkeren onze etensresten, en in ruil daarvoor deponeren zij kadootjes op onze stoep: veren, leeggegeten schelpen en andere kostbaarheden.

    Zoals de rubberachtige huid en het beendergestel van de 'gumboot' (Cryptochiton Stelleri). Gumboots leven op de grens van land en zee, waar ze zich overdag aan rotsen vastklemmen en zich gedurende de nachtelijke uren tegoed doen aan diverse soorten zeewier.

    Onder zijn dikke huid verbergt de gumboot acht vlindervormige rugbeenderen. Niet interessant voor de raven, maar voor mij des te meer. Ik neem de leeggegeten gumboots dan ook met dank aan.

    Om de beenderen te scheiden van de huid laat ik het geheel een aantal dagen in bleekwater weken. Vaak is al het zachte weefsel na die periode geheel opgelost. De beenderen naai ik aan elkaar met vislijn en het resultaat is een 'gumboot necklace'.

    Lees meer >> | 508 keer bekeken

  • De kraaien in de tuin

    12 februari 2010

    Onderweg naar de vuilniscontainer om de hoek van mijn huis vond ik een dode kraai.

    Hij lag op de hoek van de straat in het gras, met zijn pootjes omhoog. Ik dacht ‘arme kraai’ en liep door, leegde mijn plastic zakje in een van de containers. Misschien ligt het karkas er nog, dan maak ik er een halsketting van, kwam het op de terugweg in mij op, en ik schepte de dode vogel in het plastic zakje. Met werkhandschoenen aan transporteerde ik hem naar mijn achtertuin, waar ik met een chinees hakmes de snavel en de poten van zijn lijfje afhakte. Al snel kwamen de familieleden van de overledene aangevlogen. Ze leken overstuur. In groepjes cirkelden ze boven het offerblok met hun gemutileerde soortgenoot, een klaagzang vertolkend. Wat een monsterlijke daad had ik gepleegd! Ik zou hun oom of tante snel onder de rhododendron begraven, beloofde ik ze. Maar de telefoon ging en ik vergat het karkas in de tuin.

    De volgende dag gooide ik zoals gewoonlijk brokjes droog brood uit het raam voor de kraaien, en daar zag ik het karkas liggen. Ik voelde me schuldig dat ik het kraaienlijk niet gelijk begraven had, maar de kraaien leken hun familielid vergeten te zijn. Ze keken niet meer naar hem/haar om. Er werd die morgen gewoon weer om kruimels gevochten, met pikken gedreigd en geparadeerd met hoge borst, alsof er niets was gebeurd. Business as usual, een kraai is snel vergeten na zijn dood.

    n.b. De halsband die het resultaat is van mijn wandaad is hier te...

    Lees meer >> | 1490 keer bekeken